14.03.09 Gevangen en opvangen

Toelicihting gehouden door Karel Staes
parabel van de barmhartige samaritaan Lucas 10, 25-17. Christenen dragen een mooie traditie van “ zorgen voor de evenmens” en deze traditie werd de eeuwen door , ook letterlijk, omgebouwd tot instituten en organistaties. We denken hierbij spontaan aan het OCMW of de zorg voor de armen, aan Ziekenzorg en aan de hele Gezondheidszorg, Onderwijs in de zorg voor scholing en opvoeding, bejaardenzorg aan huis en in huizen...Die zorg wordt nu gedeeld met de officiele gemeenschap en doorgaans overgenomen.De uitdrukkelijk geinspireerde en bewogen zorg voor mensen met een totaal of met een specifiek tekort is niettemin het label van gelovige mensen gebleven ...en daarvoor staat de “barmhartige samaritaan” symbool.Maar onderweg doorheen de eeuwen hebben we twee wezenlijke elementen in min of meerder mate uit het oog verloren, alhoewel ze behoren tot de kritische slagkracht van de parabel zelf. Er is vooreerst de groei en de grootheid van de instituten, al dan niet onder “katholiek beheer” met de bijpassende gelden, zeg maar subsidies en het gedwongen meespelen met de broodheren van bijvoorbeeld Caritas in de Brusselse Guimardstraat tot Armoedebestrijding in de Verenigingen waar Armen gesubsidieerd het Woord nemen. Voeg daar nog aan toe dat groeien in grootheid nogal eens samengaat met verkleinen in menselijkheid of...hoe een beweging nogal eens verstart tot een nauwelijks nog te hanteren organisatie. En er is vooral het verlies van de eigen contesterende kracht, zeg maar tot ontmaskeren van het onmenselijke tot in het conflict toe dat bijvoorbeeld Jezus ooit aan het kruis bracht. De broodheer mag immers alleen pro forma tegen de haren in worden gestreken.En hier komt de barmhartige sameritaan onversleten en kersvers te voorschijn, de echte samaritaan. Naast onmisbare en geengageerde zorg kunnen wij ons meer dan ooit afvragen in hoever wij vandaag “in een boog om de gekwetste mens heen lopen”. De parabel stelt tot pijnlijk voorbeeld “de priester en de leviet” of de gelovige elite van weleer bij uitstek ! De vraag is gebleven in hoever wij bang zijn echt de handen vuil te maken, onszelf te compromitteren, de broodheer voor het hoofd te stoten. Laat ieder van ons en iedere groep in het eigen hart kijken !Zo blijven de samaritaan en Jezus uiteraard zelf een teken van tegenspraak. De vijand wordt zelfs tot voorbeeld gesteld tegenover de kerk van toen ! Tegenover die enge, joods hypocritische en in zichzelf besloten kerk was het stellen van een samaritaan tot voorbeeld zoveel als een godslastering ! De brave gelovigen van weleer hebben, aangevuurd door hun hierarchische leiders Jezus overgeleverd tot de meest vernederende, publieke dood.Deze parabel is dus geen vroom, stichtend zoethoudertje zonder het belang van zorgende aandacht letterlijk uit de weg te gaan, maar hij roept op tot moed en eerlijkheid, om niet in een boog om de gekweste mens heen te gaan.Het moge bijvoorbeeld hier al een vraag zijn, zonder om het belang ervan te ontkennen, in hoever wij om de gekwetste mens heen lopen met mooie woorden en gezangen. Zelf betrap ik mij soms op de illusie dat ik het al gedaan heb, alleen omdat ik het mooi heb gezegd.Karel Staes