2017.01.14 Vergiffenis uit de mode geraakt?

de toelichting werd gehouden door Fred Sels.

Lieve mensen,


Al  jaren word ik door één van de campussen van de Thomas More hogeschool voor een tweedaagse rond zingeving  in een workshop gevraagd te komen spreken over die verborgen wereld van de gevangenis. Ieder student mag dan kiezen van welke workshop hij een samenvatting maakt en vermeldt wat hem/haar heeft getroffen. Soms stuurt men dat dan door naar mij. Eén keer had een studente als titel: “vergeving is de grootste genade”. Ik vond het straf dat zij dit had opgepikt. Zelf heb ik eens een artikel de titel gegeven : “en toch komt ge mij bezoeken…”  Nu moet je absoluut niet denken dat dit de thema’s zijn van de meeste bezoeken en gesprekken.  De helft van de gedetineerden zijn kansarmen en de meesten hebben in hun rugzakje niet veel geloofscultuur.  En trouwens –al is er wel wat vooruitgang-  het gerechts- en gevangenissysteem is  ook nog altijd veel te weinig  gericht op herstel . En in wat we het beste kennen uit de media, de assisenzaken, gebeurt meestal een uiterste polarisering tussen daders en slachtoffers…

In het grote arresthuis dat de gevangenis van Antwerpen is, de Begijnenstraat,  meer dan in de gevangenis van Beveren dat een gevangenis voor strafuitvoering is, heb ik het meermaals mogen meemaken dat de pas opgesloten gedetineerde  heel verwonderd was dat hij bezoek kreeg van een pastor. “Weet ge wel wat ik gedaan heb?” “en toch komt ge naar mij”: vaak  staat men er niet stil bij dat er nog  iets is goed te maken, laat staan vergeven kan worden. Niet te verwonderen vanuit een harder wordende samenleving. Een ander zei ooit:  als gij mij komt bezoeken, wil dat dan ook zeggen dat ge bereid zijt me te vergeven ?  Soms maak je het ook mee dat iemand zegt: “Wat ik gedaan heb , is niet te vergeven. Eens zei een man zelfs: ik verdien niet dat ik nog leef en hij meende het. Enkele maanden later deed hij zelfdoding. Daar sta je dan met al je onmacht .. Je hebt  ook deze mens met respect, warme nabijheid en liefde  benaderd en toch ben je blijkbaar geen stap verder geraakt… Je hebt het zelf nooit in de hand.

Dikwijls ontstaat er wel vertrouwen ,vaak ook  opluchting en dankbaarheid omdat er toch iemand is bij wie ze zich kunnen uitspreken, die hen niet vastpint op wat ze misdaan hebben, niet oordeelt, die wil begrijpen en in mede-d-ogen nabij zijn, die niet gaat lopen, die bereid is het mee uit te houden. Van daaruit mag je meegaan in een proces van ontmoetingen door henzelf gestuurd, maar waarin eventueel ook ruimte kan komen voor vergeving willen vragen en verzoening willen… Vaak zijn het dan mensen die ook naar de liturgie of Bijbelavonden komen. Ik heb ook ervaringen met diepe spijt en groot verlangen naar herstel en verzoening bij mensen die zichzelf niet zo gelovig noemen. Een paar weken terug had zo nog een nochtans langgestrafte, die ik al anderhalf jaar bezoek,  een ongelooflijk pure, eerlijke kijk op zichzelf en zijn feiten: ik was er door ontroerd en diep  geraakt .

Maar:  de bijbel mag zoveel meer zeggen –en zoveel scherper-  dan wat je zelf in een gesprek kan binnenbrengen. Daarom zijn de vieringen in een gevangenis ook zo belangrijk. Neem nu het verhaal over Jezus en Zacheus: een verhaal dat kan raken en snijden. Het gaat trouwens ook om een ontmoeting van Jezus met een dader. Wat gebeurt hier en in welke volgorde ?

Zacheus, een mens die fraude gepleegd heeft  en mensen  afgeperst. Hoe hij zo geworden is staat er niet bij: vanuit een complex omdat hij zo klein was en niet mee telde ? Of vanuit welk trauma?  Hoe komt een mens tot zoiets?

Jezus merkt hem op. De minste blijk van uitkijken naar- ontgaat hem niet. Hij is zo vol van de overvloed van Gods geven en ver-geven dat Hij zelf onmiddellijk initiatief neemt. Hij kan niet meer wachten: “Vandaag nog moet ik in uw huis zijn” Het vertrouwensvoorschot is zo groot dat Hij niet wacht op een knieval of zo van Zacheus. Hij wil hem niet eerst te kijk zetten. Hij wil die kleine man niet kleineren…  Maar Hij spreekt hem aan en nodigt hem uit met Hem gemeenschap te maken: een kunst die Zacheus als tollenaar wellicht al lang verleerd was.

En  –heel  belangrijk-  hij wordt niet op zijn schuld, maar bij zijn roepnaam aangesproken: een mens is altijd zoveel meer dan wat hij eventueel misdaan heeft… Het moet Zacheus ongelooflijk veel deugd gedaan hebben. “Zacheus kom vlug naar beneden want heden moet ik in uw huis vertoeven!”Jezus draait de rollen om: Hij zegt met deze woorden zelf eerst de vergeving toe.

Nadien kan Zacheus –bijna even buitennissig- zich verzoenen met zijn slachtoffers: tot vier maal toe het bedrag dat hij hen heeft afgenomen, zegt hij hen toe.

Dit doet ons toch wel nadenken: vragen wij niet eerst dat de dader schuld bekent en om vergeving vraagt,  alvorens hem –eventueel dan nog- vergeving te schenken? Ik zeg nu niet dat dit moet en dat iedereen dit maar moet kunnen… maar Jezus doet het anders. Vanuit Gods overweldigende Liefde –voor Hem is blijkbaar God alleen maar Liefde- benadert Hij de mens, de broze, toch altijd te kort schietende, zondige mens:  niet alleen degene die in de gevangenis zit.

Als je iets van die Liefde en Barmhartigheid –en dus vergeving- mag ervaren, dan krijg je terug wat eigenwaarde, die –als ze voldoende groot is geworden,  je ook in staat stelt de weg naar vergeving en verzoening in te slaan. Maar dan nog moet alles wat meezitten. Als je nooit bezoek krijgt, een –al dan niet pro-deo-advocaat hebt die er zijn voeten aan veegt, een rechter die altijd in dossiers zit te bladeren en je nog nooit heeft aangekeken,  een gevangenissysteem dat je belet om ook maar de minste verantwoordelijkheid te dragen…: het aanvoelen van zovele gedetineerden,  dan is het moeilijk het noodzakelijke  basisvertrouwen te krijgen of te verwerven…

Vergeving is de grootste genade.  Ik mocht er al de bode van zijn. Het is lang genoeg geleden zodat ik het durf te vertellen. Het was op een assisenzaak van een postoverval  door 3 mannen met een dodelijk slachtoffer: een verdwaalde kogel had een client gedood. Tijdens de voorlaatste dag van dat proces kwam de weduwe van die man naar mij. Ze had gevoeld dat een van de drie echt spijt had en ze vroeg me hem dat te gaan zeggen en dat ze hem wou vergeven. Nadien zijn ze naar elkaar beginnen schrijven en dat is uitgemond in dat die vrouw hem ook kwam bezoeken. Die vergeving heeft haar en hem uiteraard ook enorm geholpen om hun trauma’s te verwerken. Maar zoiets kan je niet opleggen,  het is een genade ! Tegenover deze vrouw voelde ik me heel  klein. IK vraag dat bijna nooit, maar ik heb haar gevraagd ook voor mij te bidden.

Met allerheiligen - in de Begijnenstraat en ook nu weer in Beveren -nodigen we alle geïnteresseerden uit op een speciale viering voor hun overleden familie en vrienden. We geven dan ook een kaartje waarop ze de namen van de mensen die ze willen gedenken kunnen schrijven en ze brengen dat dan tot bij het kruis en steken er een kaarsje bij aan. Een keer had een gedetineerde voor zijn slachtoffer er een hele brief aan toegevoegd met spijt en de vraag hem een beetje te vergeven, want helemaal zou wel niet kunnen…

Je moet de gedetineerde dus graag  willen zien of beter: een gedetineerde moet zich graag gezien voelen. Zoals Zacheüs! Dan  ontstaat er ruimte. Dan ontstaat er hoop!

Een lied dat we graag zingen is:

Geloven begint in het opstaan van armen

Hopen begint in het diepst van de wanhoop

 

Liefhebben waar je geen liefde meer hebt…