2016.03.19 Sta op. vrees niet. door de dood heen

De toelichting werd gehouden door Marc desmet sj

 

‘De dood heeft vele gezichten’

De dood heeft vele gezichten staat boven deze viering. Maar me dunkt gaat het in de teksten om: Het sterven heeft vele gezichten, en nog meer: het lijden heeft vele gezichten.

Naar die vele gezichten wil ik kijken vanuit drie referentiepunten (of –personen) die me dierbaar zijn mbt het lijden: Paul Ricoeur, Jezus van Nazaret, Lytta Basset. Een jood en twee protestanten.

(1) Ten aanzien van het lijden kan je drie dingen doen, zegt Paul Ricoeur – mijn eerste drietal referentiepunten: denken, handelen, voelen:

je kan er dus over denken, maar – kort door de bocht - dat denken loopt onvermijdelijk vast in impasses, zoals we weten, vooral sinds de twintigste eeuw met zijn miljoenen moorden in concentratiekampen en andere Balkangenocides, en nu met zijn miljoenen vluchtelingen waaronder die vermeld uit de Balkanoorlog, maar ook de 47 geëxecuteerden in het fundamentalistische, totalitaire Saoudi-Arabië. Hoe kan je dat lijden, die doden verantwoorden? In naam van wat of wie? Impasse.

Je kan ten tweede handelen – zoals Simon van Cyrene ‘die zijn schouders mee onder het kruis zet’ en zelf ben ik daar sinds 23 jaar expliciet mee bezig in palliatieve zorg– maar die activiteit -  stoot ook altijd op haar grenzen. Ik kan het lijden en de dood niet definitief bemeesteren.

Dat voert naar een derde ‘doen’: je kan je voelen laten transformeren en je handelen laten gebeuren vanuit die transformerende en getransformeerde gevoelens (passiviteit-in-de-activiteit).

(2) Ik wil dat handelen verder ‘relativeren’ vanuit een tweede referentiepunt: wat betekent het dat Jezus ons ‘verlost’?

Als je naar het evangelie kijkt, is het een beetje zoals met een voetbalmatch: er zijn twee helften. In de eerste helft bevrijdt Jezus door zijn optreden als leraar en genezer-duiveluitdrijver de mensen van ziektes, een instituut dat mensen klein houdt, sociale uitsluiting. Die eerste helft verstaan wij in tijden van bevrijdingstheologie goed.

Wat we niet zo goed verstaan is wat in ‘de tweede helft’ gebeurt: we zien een ander gezicht van Jezus’ verlossing. De leider met ei wordt lijder met ij. We zien een Jezus die ervoor kiest om naar Jeruzalem te gaan. Hij had dat ook niet kunnen doen. Waarom deed hij dit? Voor mijn part omdat Hij wou duidelijk maken dat zijn beeld van God niet datgene was wat de religieus-politieke autoriteiten in Jeruzalem voorhielden. Dat zou hem zijn kop kosten. Dat wist hij. Waarom gaat hij dan? Zelfmoordterrorist? . Ik denk dat het in de kern van elke authentieke roeping is: dit ‘innerlijk moeten’, die ‘anerkennte Notwendigkeit’, tegen heug en meug eigenlijk, niet met idoolambities (De Koning van de Joden, the King of Rock and Roll, of Pop).

En wat daarbij opvalt: de verbaal zo vaardige rabbi Jezus zegt ten aanzien van de (valse) beschuldigingen ‘helemaal niets meer’. Jezus die zoveel discussies succesvol aanging. En we hebben ergens het aanvoelen: het is precies door die tweede ‘helft’ dat we nog over Hem spreken. Ergens doorbreekt hij de cirkel van geweld door zijn stilte. Er is een mysterie van vruchtbaarheid van Jezus die ontstaat in de verstoting. Lucas was daardoor gefascineerd: ‘Kruisig Hem’ roept men ten aanzien van ‘De koning van de Joden’, het toenmalig idool van vele joden

Ik wil stilstaan bij dat mysterie van verstoting en vruchtbaarheid dat ook het onze kan zijn, in miniatuur of grootschaliger. Welk innerlijke proces kunnen we als het ware in ons  ‘innerlijke moeten’ doormaken?

(3) Ik wil dit bekijken vanuit drie lagen van onze ervaring die Lytta Basset zo voortreffelijk heeft beschreven als lijden-zonder-de-ander, lijden-tegen-de-ander en lijden-met-de-ander. Een derde referentiepunt voor mij dat licht werpt op de citaten van vandaag.

Het lijden-zonder-de-ander: er is een laag in het lijden waar men zich helemaal alleen voelt.  ‘Niemand kan beseffen wat het betekent dit te moeten meemaken’. Het kan gaan om de ongeneeslijke zieke, maar zeker ook de ‘vergeten vluchtelingen’ in de Antwerpse illegaliteit. Ik hoor het ten diepste in de doodskreet van Jezus: ‘Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?’ Gij, de God, voor wie ik mijn leven heb geriskeerd door naar Jeruzalem te komen. Diepste een-zaamheid. Lijden-zonder-God. In dit lijden-zonder ontdekt de mens ongekende geestelijke krachten. Het is niet te geloven – ook voor de lijdende zelf - wat ze kunnen doorstaan in het lijden.

Die ontdekking is ergens positief maar houdt ook een risico in: niemand anders weet wat het betekent; ik ga het vanaf nu maar alleen doen, trouwens ik kan het alleen. Ik heb het al zolang moeten alleen doen. Je voelt ook in deze tijd het risico van een religieus fanatisme. Ik en mijn God tegen de slechte, onbegrijpende wereld. (Lijden-zonder) Een soort geestlijke  lonely woolf. Dat isolement is gevaarlijk. Alles is beter, zelfs ruzie maken, zegt Lytta Basset.

Het lijden tegen de ander: in het lijden steekt ook een laag van lijden en vechten tegen de ander in. Een laag van verwijten. Er kan zelfs een soort wederzijdse indruk van kwaadwilligheid ontstaan. ‘Dat zegt hij, precies omdat hij weet wat mijn zwakke plek is…’ En bestaat er niet iets analoogs ten aanzien van onze geestelijke familie, onze moeder de Heilige Kerk? Beleven vele goede en actieve gelovigen ook niet vaak ergernis ten aanzien van de Kerk die ons pest? ‘Was sich liebt, neckt sich’. ‘Simon, slaap je? Kon je niet één uur waken?’ Er kan de indruk ontstaan dat ieder tegen me is en me wil kruisigen.

Ik lees dat lijden-tegen in die tekst van Thierry Verhelst: ‘Dat is Salieri – verbitterd, ook op God, en jaloers omwille van het genie Mozart - , verzuurd en verslagen, die me bespiedt, verzonken in mijn wagen.’

Maar dan komt een kering in de tekst van Thierry Verhelst die bijzonder sterk uitdrukt in hedendaagse en evangelische beelden dat midden in het lijden-zonder en het lijden-tegen ook een lijden-met kan ontstaan:

Het is nacht, kameraad,

jij die meer dan ik heb verdragen,

Pinochet, Siberië, de Nazi-doctoren,

in de Moskouse instituten de chemische dwangbuis

en Golgotha, de spotternijen

aan de voet van het kruis,

Maria in zwijm en Johannes die schreit …

Het lijden-met is de eenvoudige maar o zo diepe en verlossende ervaring midden in de eigen lijdenservaring: anderen hebben het ook moeilijk. Dus niet als een nietszeggende en zelfs totaal ongepaste boodschap van een dokter aan zijn patiënt, maar als de immens sterke boodschap van de zieke aan de arts. Die ervaring van medelijden sluit aan bij Iris Murdoch’s definitie van liefde: ‘Het uiterst moeilijk besef dat iemand of iets anders – het lijden en de vreugde van de ander - echt bestaat .’

Er bestaan nog andere uitdrukkingen die vroeger wel eens vaker werden gebruikt en waarvoor we onze neus zijn gaan optrekken, maar die ik herontdek vanuit dit authentieke lijden-met: ‘Ik draag mijn lijden op voor de verlossing van de wereld…’ Ik denk dat het diepe, totaal niet-vanzelf-maar-van-Godsprekende besef: ik ben niet de enige die lijd, grote relati-veerkracht geeft en verlossend werkt. Ik wens het jullie toe.

 

Welkom...

...welkom op onze website.(Vleugel)

Kalender

Oktober 2018
M D W D V Z Z
1 2 3 4 5 6 7
8 9 10 11 12 13 14
15 16 17 18 19 20 21
22 23 24 25 26 27 28
29 30 31 1 2 3 4

Nieuw

Inloggen