2015.12.05.Profeten zwijgen niet. Bevrijdingstheologie vandaag

De toelichting werd gehouden door Bruno Spriet.

In 2005 ging ik als uitwisselingsstudent voor een jaar naar Bolivië, het tweede armste land van Zuid-Amerika.

Ik ging er wonen in Potosi, een mijnwerkersstad op 4000 meter hoogte. Al 500 jaar aan één stuk sterven er mensen bij bosjes in de mijnen van de Cerro Rico. Toentertijd werden ze geofferd aan de Spaanse kroon, het koloniale systeem. Vandaag aan multinationals. En die zijn nog steeds onverbiddelijk: de meeste kinderen beginnen op hun 12e te werken in de mijn, ze werken 12 uur per dag, zeven dagen op zeven. Alles gebeurt er nog steeds manueel en er zijn geen veiligheidsmaatregels. Uit pure miserie en armoede drinken ze zuivere alcohol. Als ze geluk hebben sterven ze pas op hun 42ste.

Waar is God nu?

Dat vragen we ons af bij het zien van al dit onrecht. Vanuit die vraag ontstond de bevrijdingstheologie. Deze theologie vertrekt vanuit de realiteit van de arme. Een realiteit die wakker schudt; of zoals Leon Gieco zingt in het lied dat we net hoorden: een realiteit die niet onverschillig kan en mag laten.

Wanneer we de Bijbel lezen vanuit deze realiteit, krijgt die een andere betekenis. We vinden er verhalen die iets vertellen over deze situatie, en er betekenis aan geven. Denken we maar aan Jezus, die zegt dat wat ge aan de allerminsten gedaan hebt, ge aan Hem gedaan hebt. Of aan God die Moses zegt dat Hij het lijden van zijn volk in Egypte heeft gezien, en hen wil bevrijden uit de slavernij. Of aan de profeet Jesaja, die we zopas beluisterden, die het visioen schetst van een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, waar “je niemand hoort huilen, en niemand hoort schreeuwen om hulp”.

Toen ik in Bolivia was, hoorde ik vaak praten over één Belg, die iedereen leek te kennen. Ik had ervoor nauwelijks van hem gehoord: Kardinaal Jozef Cardijn. Hij was de stichter van de KAJ, de kajotters, die in Zuid-Amerika een belangrijke rol hebben gespeeld. Hij ontwierp de methode “zien, oordelen, handelen”, en was op die manier van cruciaal belang voor het ontstaan van de bevrijdingstheologie, die deze methode overnam.

Mijn gastmoeder in Potosí vertelde me hoe ze in de jaren ’70, gedurende de topjaren van de rechts-militaire dictatuur van Banzer, bij de KAJ was en onder leiding van padre Paco één van de weinige verzetspunten vormden in de stad. De bevrijdingstheologie was hiervoor de inspiratiebron. Het leren ‘zien’, bestond erin de eigen levenssituatie onder ogen te zien en te analyseren. In dit geval was dat het besef van het leven in een dictatuur vol onderdrukking. Het ‘oordelen’ was het kijken vanuit de Bijbel en de traditie naar die situatie. Exodus leerde dat de joden ook bevrijding zochten van de dictatuur van Egypte. En Jesaja gaf moed om de komst van de nieuwe hemel en nieuwe aarde te proberen bespoedigen. Tot slot was er het ‘handelen’, het niet bij de pakken blijven zitten. De onderdrukten worden opgeroepen hun eigen lot in handen te nemen en iets aan het onrecht te doen.

Bevrijdingstheologie ontstond oorspronkelijk in Zuid-Amerika in de jaren ’60. Dit was een context van enorme armoede, ongelijkheid en onderdrukking. Het was ook de tijd van het opkomende socialisme en communisme, en de marxistische analyse gaf aan dat er iets verkeerd was met de structuren van de samenleving. Van hieruit ontwikkelden de bevrijdingstheologen het concept “structurele zonde”, wat wil zeggen dat zonde en onrecht in structuren ingebakken kan zitten. Het was ook de context van het Tweede Vaticaans Concilie, met het belangrijke document ‘Gaudium et Spes’ dat aangaf dat de kerk niet tegen de wereld is, maar net in de wereld staat en er in dialoog mee moet treden.

Al deze elementen hebben het ontstaan van de bevrijdingstheologie in Zuid-Amerika mogelijk gemaakt. Maar bovenal was er eerst de ‘bevrijdingspraktijk’ – la orhopraxis, namelijk dat men in parochies met arme mensen basisgemeenschappen begon te vormen. In die gemeenschappen leerde men zien, oordelen en handelen.

Het sleutelbegrip van de bevrijdingstheologie is “la opcion por los pobres”, wat wij iets te makkelijk vertalen als “de optie voor de armen”. In het Spaans heeft “por” namelijk een dubbele betekenis: niet enkel voor, maar ook door. Het gaat er niet om dat de hogere klassen uit medelijden iets doen voor de armen. Het gaat erom dat onderdrukten als mens gezien worden, mensen met capaciteiten om iets aan het onrecht te doen. Het gaat om het bespoedigen van het visioen van Jesaja, waar je niemand hoort huilen, waar niemand kwaad doet, en waar wolf en lam samen zullen eten.

Is bevrijdingstheologie een stervend oudje? Sommigen zouden, niet geheel onterecht, beweren dat de oorspronkelijke bevrijdingstheologie een stervend oudje is. De oorspronkelijke marxistische analyse is wellicht niet helemaal meer van deze tijd, of heeft op zijn minst aanvullingen nodig.

Wat voor mij echter zeker is, is dat de bevrijdingstheologie een oudje is die vele kinderen en kleinkinderen gekregen heeft. Vandaag spreekt men niet meer over dé bevrijdingstheologie, maar over verschillende bevrijdingstheologieën. Het concept  van de ‘arme’, in de enge zin van het woord, bleek te beperkt om de onderdrukking en het onrecht die verschillende groepen mensen meemaken te omvatten. Vanuit andere contexten pikte men deze nieuwe theologie op en paste hem toe in de eigen situatie.

In Afrika kwam men tot de constatatie dat niet enkel de bevolking arm was, maar dat ook hun eigen, oorspronkelijke religie en cultuur onderdrukt werd. In het Westen groeide het besef dat vrouwen onderdrukt werden en ook zij zich moeten bevrijden van het juk van de man. In de voorbije 20 jaar groeide ook het besef dat onze aarde onderdrukt wordt en ecologische bevrijding nodig heeft.

Deze groei van bevrijdingstheologieën neemt niet weg dat er ook verwoede pogingen zijn om het de kop in te drukken. Johannes Paulus II had een heilige schrik voor alles wat naar communisme rook. Ook in Peru, waar ik in 2010 een half jaar ging studeren, is de kloof tussen voor en tegenstanders nog steeds erg groot. Er werd een Opus Dei aartsbisschop aangesteld, wat ervoor zorgde dat Gustavo Gutierrez – een van dé stichters van de bevrijdingstheologie - moest vluchten naar de Dominicanen in Frankrijk. De conservatieve theologen en de bevrijdingstheologen hebben een apart theologisch instituut. Gelukkig gaat de bevrijdingstheologie in de praktijk gewoon door, zoals in de parochie in één van de sloppenwijken waar ik vrijwilligerswerk deed. De mensen zijn er onderling erg solidair en proberen er, samen met Padre Cristobal, hun situatie te verbeteren.

De optie voor en met de armen is vandaag in zekere zin ‘normaal’ geworden in de theologie. Zelfs Paus Benedictus XVI ging deze woorden niet uit de weg. Paus Franciscus neemt op zijn eigen manier en zonder het expliciet te noemen bevrijdingstheologie naar nieuwe hoogtes. Hij bespoedigde de zaligverklaring van Mgr. Oscar Romero, en ontving Gustavo Guttierrez op de koffie. Hij schreef het eerste pauselijke document over natuur en ecologie en brengt in Laudato Si op unieke wijze het sociale en ecologische onrecht in verband met elkaar.

Bovenal is paus Franciscus een voorbeeld in de praktijk van wat het navolgen van Jezus niet alleen voor de bevrijdingstheologie, maar voor de hele kerk, kan betekenen. Hij laat zich niet onverschillig worden, zoals Leon Gieco vraagt in zijn lied, en probeert te werken aan het visioen van Jesaja.

Of bevrijdingstheologie vandaag en morgen zal leven, hier en in Zuid-Amerika en op andere plekken, hangt vooral af van de manier waarop wij, als christenen, dit visioen in de praktijk proberen brengen.

 

God blijft in de Bijbel niet onbewogen tegenover onheil en onrecht. Telkens opnieuw wordt God mens onder de mensen. In het leven van Jezus en van Oscar Romero gaat dit engagement tot de dood. Zijn wij bereid hen te volgen?

 

Welkom...

...welkom op onze website.(Vleugel)

Kalender

Juli 2018
M D W D V Z Z
25 26 27 28 29 30 1
2 3 4 5 6 7 8
9 10 11 12 13 14 15
16 17 18 19 20 21 22
23 24 25 26 27 28 29
30 31 1 2 3 4 5

Nieuw

 

Kijk naar Nieuws- Rondom de Vleugel

Inloggen