2015.02.07 Huis, Stad, Wereld

toelichting werd gehouden door Liesbet Dierickx.

Het verhaal van Seppe en Dieudonné

Dit… is Seppe. Seppe is 18 maand oud. Hij groeit op bij mama en papa en zusje Lore. Het gezinnetje woont in een gezellige halfopen bebouwing, aan de rand van de stad. Mama en papa hebben beiden een goede baan. Er staan twee auto’s op de oprit. Elk jaar wordt er een mooie reis gemaakt.
Je kent het gezin van Seppe vast wel… het mooie Vlaamse gezin, waar we niet van opkijken als we hen tegenkomen. 
Nog voor Seppe geboren was hadden mama en papa al veel dromen voor hem… Er werd een kamertje voor hem ingericht met een mooi kinderbedje, en met nieuw beddegoed (want de roze lakentjes van zusje Lore moesten nu toch wel vervangen worden door de blauwe variant). Er werd vooraf een babylijst gelegd bij een leuke kinderwinkel in de buurt. En kleertjes werden er gekocht: in alle maten en voor elk seizoen, en in de kleurtjes die op dat moment in de mode waren. 
Seppe was ook, nog voor hij geboren werd, al ingeschreven in de creche.  
En na de creche zou hij naar de kleuterschool in de buurt gaan, waar Lore nu ook al zat. En daarna zouden ze waarschijnlijk kiezen voor de lagere school in de buurt van mama’s werk. En daarna zou hij vast naar het college in de stad gaan, want dat had een goede reputatie. En daarna vast en zeker naar de universiteit,… 
Kortom: heel veel grote dromen voor het kleine ventje van 18 maand.

Elke ontwikkelingsstap die Seppe neemt wordt niet alleen door mama en papa met argusogen gevolgd, maar wordt ook bevestigd door boeken en publicaties die in huis zijn gehaald, er wordt duchtig op het internet gezocht of het omrollen, het zitten, het kruipen van Seppe wel overeenstemmen met het omrollen, zitten en kruipen van leeftijdsgenootjes. Ook K&G doet zijn duit in het zakje: Seppe wordt goed opgevolgd, krijgt inentingen wanneer het nodig is, zijn gehoor en zijn zicht worden goed onderzocht…
En dan plots… krijgt mama te horen dat een doorverwijzing naar een oogarts noodzakelijk is. Er is iets mis met het linkeroogje van Seppe… 
En inderdaad… mama had ook al gemerkt dat Seppe regelmatig een beetje scheelkeek.

Er wordt een afspraak gemaakt bij een kinderoogarts. In de wachtzaal liggen er wat speelgoed en boekjes voor Seppe, om hem een tijdje zoet te houden, anders duurt het wachten te lang. 
De volgende jaren zal Seppe nog vaak in deze wachtzaal doorbrengen, want de oogarts stelt vast dat Seppe inderdaad een vorm van scheelzien heeft en een lui oogje.
Er wordt een bril voorgeschreven en de ouders krijgen het advies om het rechteroogje af te plakken.

Bij de optieker kiest mama een mooi gekleurd kinderbrilletje volgens de laatste mode.  
En voor de zekerheid koopt mama ineens ook nog een reservebrilletje. In een andere kleur… dan kan hij eventueel eens wisselen, afhankelijk van de kleur van zijn truitje…

En zo gaan de jaren verder… Seppe draagt zijn brillletje goed en zijn plakkertje doet hij elke voormiddag trouw op, en zijn luie oogje verbetert jaar per jaar. 
In de klas hangt er een speciale poster, waarop Seppe dagelijks zijn plakker kan opkleven. En thuis heeft mama ook een pot met snoepjes klaarstaan, om hem te belonen wanneer hij zijn bril en zijn plakker goed draagt. En om hem te motiveren mag Seppe soms een autotje kiezen wanneer ze in de speelgoedwinkel zijn… 

Wanneer Seppe 4.5 is moet hij naar het ziekenhuis. Er moet een scheelziensoperatie gebeuren, om het oogje esthetisch recht te zetten. Mama en papa krijgen informatie van de oogarts, ook van het ziekenhuis krijgen ze vooraf een folder, op het internet wordt nog extra informatie opgezocht, de reputatie van de chirurg wordt uitgeplozen, er wordt een prentenboek gekocht waarmee aan Seppe wordt uitgelegd hoe het is om naar het ziekenhuis te gaan,…  

De dag dat de ingreep zal plaatsvinden nemen mama en papa vrij van hun werk. En voor de volgende dagen zijn oma en opa gemobiliseerd om Seppe op te vangen. Zij zullen hem verwennen met cola en frietjes en een leuke DVD om hem bezig te houden.  
In het ziekenhuis aangekomen wordt Seppe niet als eerste geopereerd, hij moet nog even wachten in de kamer. Gelukkig hebben mama en papa de iPad meegenomen en kan Seppe wat spelletjes spelen en filmpjes van Bumba kijken. Het wachten duurt lang. Toch zeker 10 minuten… Mama en papa worden ongeduldig en gaan een paar keer aan de verpleging vragen wanneer het nu Seppe’s beurt is…

Eind goed al goed… na de operatie zijn de oogjes van Seppe mooi recht.  
De tijd gaat verder.  
Wanneer Seppe 7 is vinden zijn ouders dat het resultaat van de operatie toch ‘nog niet helemaal perfect is’. Er wordt een tweede maal geopereerd… zodat de oogstand nog wat verbeterd wordt.

Seppe is klaar voor de rest van zijn perfecte leventje. 
We vinden dit allemaal heel normaal… want hij is in België geboren.


Ik ben Liesbet, ik ben orthoptiste en werk in zo een kinderoogartsenpraktijk waar dagelijks tientallen Seppes komen. Ik zorg er samen met de oogarts voor dat de kinderen de juiste behandeling en opvolging krijgen. We screenen ook zeer jonge kindjes, waarbij er nog maar een vermoeden bestaat van een eventuele oogafwijking. Zij worden preventief opgevolgd, zodat ze toch zeker alle kansen zouden krijgen die ze verdienen.  
Mooi toch. En vooral UITERMATE VANZELFSPREKEND.
Tja… zo gaat dat hier nu eenmaal in België…

En dit… … is Dieudonné. Ik leerde hem kennen tijdens een missie van See and Smile in Rwanda. Dieudonné is 8. Hij groeit op in Nyagatara, in het oosten van Rwanda, samen met zijn ouders en 3 zusjes.
Het gezinnetje woont in een klein huisje met een golfplaten dak. Mama werkt op het veld en probeert de groenten die ze verbouwt en de eieren van hun kippen te verkopen op de markt. Papa heeft geen werk.
De ouders van Dieudonné hebben geen auto, zelfs geen fiets. Maar de buurman kan als het nodig is mama achterop zijn fiets nemen. Op reis is Dieudonné nog nooit geweest.  

Toen Dieudonné geboren werd, was er van een babylijst in een leuke babywinkel geen sprake. Neen, hij werd in een doek op mama’s rug gebonden, en daar zat hij goed. Hij ging mee naar het veld, mee naar de markt, hij kon mee in de pot gluren als mama cassave klaarmaakte,… op deze manier was hij altijd in mama’s buurt, ook als hij verdriet had of honger had.

Het broekje en het hemdje dat hij aanhad had hij al aan van de dag dat mama het op de markt had uitgezocht tussen een stapel afgedankte kleren van de Seppes van het Westen. Hij zou het ook aanhouden tot het zo versleten zou zijn dat het letterlijk en figuurlijk van zijn beentjes en armpjes zou vallen. 
Het gezin van Dieudonné is het gemiddelde gezin in Rwanda. Er zijn ook rijkere mensen die een mooi huis hebben en werk hebben en een auto, maar er zijn ook nog mensen die het nog slechter hebben dan zij. Het gezin heeft juist genoeg om zich te redden en rond te komen.  

Dieudonné gaat naar school. Daar leert hij Frans, en hij leert lezen en schrijven. Hij heeft één schriftje en één potlood. Hij schrijft vaak dingen fout over van het bord, en de meester zegt dan dat hij niet flink zijn best doet. Maar Dieudonné doet écht wel zijn best… alleen ziet hij gewoon niet altijd goed wat de meester daar schrijft…
Als hij thuiskomt na schooltijd speelt hij buiten met de andere kinderen uit het dorp. Soms lachen ze hem uit, want Dieudonné kijkt scheel, erg scheel.  
Mama weet het, maar er is geen oogarts in de buurt die kan helpen. Er is wel een dorpsverantwoordelijke voor gezondheid en deze mevrouw heeft ook al opgemerkt dat Dieudonné scheelkijkt.  

Op een dag hoort mama op het kleine transistorradiootje dat op de binnenplaats van hun huisje staat dat er in het ziekenhuis van Kabgayi in Gitarama een groep buitenlandse oogartsen is die kindjes met oogproblemen kunnen helpen.  
Mama gaat naar het gezondheidscentrum om zich in te schrijven op de lijst. Twee dagen later roept ze Dieudonné bij zich: je hoeft morgen niet naar school, wa gaan naar Gitarama.  
Dieudonné weet niet waar Gitarama ligt, maar hij vermoedt dat het misschien nog wel verder is dan dan Kigali, want hij ziet dat mama haar kookpot in een doek bindt, en een paar bankbiljetten bovenhaalt.  

’s Morgens heel vroeg, nog voor de zon op is, vertrekt Dieudonné met mama. Papa moet op de andere kinderen letten.  Ze nemen verschillende busjes en na een héle héle lange dag komen ze ’s avonds laat aan in Gitarama. Het is al te laat, de kliniek is al gesloten. Dieudonné slaapt onder een afdak, dicht bij zijn mama, en ’s morgens om 4u staan ze op om zeker als één van de eersten aan de poorten van het ziekenhuis te staan. Mama wil zo graag dat een dokter vandaag eens naar Dieudonné’s oogjes kan kijken.  
Voor de poorten van het ziekenhuis wachten ze geduldig af. Daar staan ze dan, met 150 andere mensen, die allemaal gehoord hebben dat er Europese artsen in de kliniek zullen zijn. 
Om half 6 ’s morgens komen een paar wachters eindelijk de poorten opendoen.  
Ze moeten heel lang in de rij staan om zich in te schrijven en daarna mogen ze in de wachtzaal wachten.
De wachtzaal… er staan een paar houten banken onder een afdak, en dat is de wachtzaal. Samen met honderden andere mensen en kinderen wachten ze daar. Uren aan een stuk. 
In de verzengende zon, en later in een enorme plensbui. Maar niemand klaagt. En niemand vindt dat het te lang duurt. Ze wachten gewoon geduldig…

In de late namiddag wordt Dieudonné onderzocht door de orthoptiste. Het zicht van de jongen is helemaal niet goed: hij heeft een bril nodig, en die had hij eigenlijk al heel lang nodig. Maar niemand heeft dit ooit getest… en Dieudonné heeft nooit geklaagd.
Hij krijgt een brilletje uit een grote doos afgedankte brillen die wij hier in het Westen niet meer goed genoeg vinden. Het kleurtje van de bril kiezen… dat is er voor hem niet bij… maar toch is hij heel blij met zijn bril.
En mama is vooral blij dat het zicht van zijn ene oogje hiermee zal verbeteren. Het zicht van het andere oogje, dat scheelziet, zal waarschijnlijk met de bril niet meer verbeteren. Daarvoor is het, helaas, te laat.

Voor het scheelzien zelf kan er een operatie uitgevoerd worden. Mama en Dieudonné zijn erg blij om dat te horen. Dieudonné wordt op de lijst geplaatst, maar kan pas binnen een paar dagen geopereerd worden.
In tussentijd lopen mama en Dieudonné een beetje buiten rond, ze zitten wat onder een boom, wandelen nog eens langs het hek, ze koken in het ziekenhuis op een vuurtje hun eten, lopen nog een toertje, en zetten zich weer op de grond. Ze wachten. Tesamen met al die andere mensen. Heel geduldig. Niemand die klaagt. Niemand die vindt dat het te lang duurt.  

Na enkele dagen is het zover en wordt Dieudonné geopereerd. Hij is wel een beetje bang, want hij weet niet wat er gaat gebeuren of hoe het eruit ziet achter die grote deuren van de operatiezaal. En ook mama is wel een beetje ongerust, want zij weet ook niet wat hem te wachten staat.
Als de jongen na de operatie wakker wordt is mama er, met een grote glimlach. Maar geen oma of opa of familie, want mama heeft geen familie meer, na de gebeurtenissen van 1994. 

Mama is erg blij, want het enige dat ze wil is dat haar zoon goed kan zien, en goed kan opletten op school en later misschien een job in de stad vindt. 
De oogstand van Dieudonné is nog niet perfect na de operatie, maar mama straalt,want dit had ze zelfs nooit durven hopen.

Dieudonné zal met zijn ene oogje nooit goed kunnen zien, dat blijft een lui oogje omdat er geen K&G was om hem te screenen toen hij peuter was. En er op school ook geen CLB was die zijn zicht testte…Hopelijk vindt hij snel een oogarts wanneer er ooit aan zijn goede oog iets voorvalt…

In Rwanda lopen er tientallen Dieudonné’s… en meestal zijn zij er nog véél erger aan toe dan deze jongen. En vaak komen zij ook gewoon nooit bij de juiste hulpverlening terecht.

Onrechtvaardig. Gewoon omdat Dieudonné in Afrika geboren is en niet in België.

Eén wereld, waarin beide mama’s dezelfde droom hebben voor hun zoon, maar wel een wereld van verschil. Een immens verschil.

 

 

 

Welkom...

...welkom op onze website.(Vleugel)

Kalender

April 2018
M D W D V Z Z
26 27 28 29 30 31 1
2 3 4 5 6 7 8
9 10 11 12 13 14 15
16 17 18 19 20 21 22
23 24 25 26 27 28 29
30 1 2 3 4 5 6

Nieuw

 

Kijk naar Nieuws- Rondom de Vleugel

Inloggen