2013.04.20 Levensbeschouwingen ontmoeten elkaar.

Toelichting gehouden door Frank Van Rompaey.

Een ontmoeting tussen mensen

Toen Lydia me vroeg of ik op deze Vleugelviering een getuigenis wou brengen over de Translevensbeschouwelijke Oefeningen, stemde ik daar, met veel plezier, onmiddellijk mee in. Waarom ik zo graag op deze uitnodiging inging, vormt het verder onderwerp van wat volgt. Maar misschien kan ik best eerst een woordje uitleg geven over wat die Translevensbeschouwelijke Oefeningen dan precies inhielden.

Het betreft een initiatief dat werd genomen door Lydia en Annemie van het Onderweghuis. Ze zochten samenwerking met Samira van de v.z.w. Motief, een organisatie werkzaam op het snijpunt van geloof en levensbeschouwing én samenleving, en ook met Paul van het Boeddhistisch Centrum Ehipassiko. Later sloot Jacinta van de Humanistische Vrijzinnige Vereniging nog aan en nam ikzelf de plek in van Paul, die me, wegens een te drukke agenda, had gevraagd hem te vervangen.

Het opzet van de Translevensbeschouwelijke Oefeningen bestond eruit om vier personen met een verschillende levensbeschouwelijke achtergrond met elkaar in dialoog te brengen. Het ging hierbij telkens om een ontmoeting tussen een christen, een moslima, een vrijzinnige en een boeddhist. In de eerste plaats ging het echter steeds om een ontmoeting tussen mensen, een aspect waarvan we ons gaandeweg steeds meer bewust werden.

Op vier avonden in het najaar, van september tot december, werd er met elkaar in gesprek gegaan over een vooraf bepaald thema. Hoewel, 'in gesprek gaan' is misschien niet de juiste uitdrukking. Ieder kreeg namelijk de gelegenheid om over het thema van de avond een persoonlijke uiteenzetting te geven, terwijl de anderen, sprekers en publiek, aandachtig luisterden. Bovendien was er veel ruimte voor stilte: na de inbreng van elke spreker volgde er telkens een stille bezinning, waardoor wat werd gezegd tijd kreeg om binnen te komen, te resoneren, te bezinken. Reflectie temidden van stilte, temidden van elkaar.

Nadat tenslotte elke spreker aan het woord was geweest, kon ook het publiek reageren op wat men had gehoord. Hierbij werd gebruik gemaakt van een 'praatstok', die in de kring werd doorgegeven. Met  de stok kreeg men de gelegenheid om te reageren, zonder dat dit evenwel een verplichting was. Je kon, zo je wou, de stok ook gewoon doorgeven. En opnieuw gold hetzelfde principe: kreeg je de stok en nam je het woord, dan luisterden de anderen in stilte. Wilde je toch reageren, dan diende je gewoon te wachten tot het jouw beurt was.

Vandaar, geen 'normaal gesprek' zoals we dat gewoon zijn en waarbij we maar al te vaak nauwelijks het geduld kunnen opbrengen om onze gesprekspartner te laten uitspreken, omdat we zo graag onze eigen mening, ons eigen gedacht willen zeggen.

Niet zo'n gesprek, dus. Maar des te meer dialoog, echte dialoog, waarbij het luisteren minsten even belangrijk is als het spreken, de luisteraar even belangrijk als de spreker, de ander even belangrijk als ikzelf...

De dialoog op die manier aangaan was een bijzondere en verrijkende ervaring. Niet ingaand op die haast natuurlijke drang om jezelf naar voren te schuiven, om jezelf te profileren, maar er net op een zachte, aandachtige manier weerstand aan biedend, vanuit het respect voor de ander. Respect dat op die manier als vanzelf, op een spontane wijze voelbaar wordt, tastbaar... Wel, dat doet gewoon deugd!

De vaststelling dat het perfect mogelijk was om mensen vanuit vier verschillende tradities op die wijze met elkaar te laten communiceren, maakte van de Translevensbeschouwelijke Oefeningen een geslaagde oefening.

Wanneer het een enkele keer dan toch gebeurde dat er wel werd gereageerd, dat de oefening ‘an sich’ niet werd gerespecteerd en men ertoe neigde om in discussie te gaan, betrof het een thema waarover iedereen haast een uitgesproken mening moest hebben. En zoals zo vaak het geval is met uitgesproken meningen, hebben we de neiging om alle nuance te verliezen en wordt ons denken erg categoriek, waardoor er verharding optreedt. Als dit gebeurt, verdwijnt de openheid, stopt het luisteren...

Zoals gezegd, een enkele keer is dit voorgevallen. Maar ook dat vormde geen onoverkomelijk probleem. Immers, wie oefent, mag fouten maken. Zo komen we stapje voor stapje verder...

Maar hoe veelvuldiger waren dus de momenten dat we met ons allen mochten ervaren dat het met de verschillen tussen die vier levensbeschouwingen bijzonder goed meevalt. Of sterker, dat we voelden dat die verschillen verwaarloosbaar werden of leken op te lossen. Wat ons deed inzien dat er zoveel meer is dat ons bindt, dan dat ons scheidt. Een wonderbaarlijk en verhelderend inzicht. Ik maak me sterk dat dit een gedeelde ervaring was van zo niet alle, dan toch van de meeste aanwezigen.

Zoals gezegd, het ging om een ontmoeting tussen mensen...

Het fragment uit 'Het leven van Pi', dat we daarnet hoorden, is niet willekeurig gekozen.

In de titel ‘Translevensbeschouwelijke Oefeningen’ vinden we twee termen terug die beide van betekenis zijn. Laat ik beginnen met de laatste: ‘Oefeningen’.

Wanneer we ons in iets willen oefenen, doen we dit vanuit het besef dat, wat ook de inzet van die oefening mag zijn, we ons willen bekwamen in iets waarvan we ons realiseren het nog niet volledig onder de knie te hebben. Het feit dat we bereid zijn de oefening aan te gaan, wijst er op dat we er vertrouwen in hebben vooruitgang te kunnen boeken. Indien dat niet het geval zou zijn, heeft oefenen immers weinig zin. De eerste term, 'Translevensbeschouwelijke', preciseert dan min of meer de inzet van de oefening. We willen ons erin oefenen om, over de grenzen van de levensbeschouwingen heen, op een harmonieuze wijze in contact met elkaar te treden, tot ontmoeting te komen...  We doen dit omdat we dit graag willen en dus vanuit een oprechte interesse, maar eveneens ten dele vanuit het besef dat de beoogde harmonie, in het dagelijks leven, dikwijls ver te zoeken is. En waar die harmonie ontbreekt, staan de levensbeschouwingen, jammer genoeg, vaak lijnrecht tegenover elkaar.

Maar wat maakt dat mensen zich tot deze of gene levensbeschouwing bekennen?

Zijn we, fundamenteel, niet allemaal bezig met hetzelfde, met een 'zoeken' naar antwoorden op onze existentiële vragen? En zijn we, in dat zoeken, niet allen gelijk? Natuurlijk, we spreken een andere taal, gebruiken andere woorden en rituelen, enz.  Omdat we ‘talige wezens’ zijn, proberen we steeds opnieuw uitdrukking te geven aan dat wat eigenlijk niet in woorden te vatten valt. Vanuit onze behoefte om dingen te delen, vanuit onze gemeenschapszin doen we dit binnen onze eigen tradities, levensbeschouwingen, cultuur...

Maar met het existentieel zoeken zelf, wat het wezen van onze praktijk uitmaakt, begeven we ons op een domein dat ons denken, onze ratio, overstijgt. We betreden het domein van verdieping en spiritualiteit, een domein waarbinnen alles en iedereen in liefdevolle harmonie met elkaar verbonden is.

De jonge Pi heeft dit, intuïtief, zeer helder aangevoeld. Het maakt niet uit of je nu hindoe, moslim, christen, boeddhist, vrijzinnige of wat dan ook bent. Elke traditie tracht, vanuit haar eigenheid, in contact te komen met wat de ene God noemt, de andere Allah en een derde Brahman. Pi realiseert zich spontaan dat het hier slechts menselijke concepten betreft die wijzen naar hetzelfde Universele Principe.

Een principe dat onszelf overstijgt en tegelijkertijd de diepste kern van ons wezen uitmaakt. Op een fundamenteel niveau zijn we, vanuit onze universele verbondenheid, immers allen gelijk, één. In de ogen van God is er geen onderscheid, geen dualiteit...

Doordat we echter, zoals gezegd, uitdrukking proberen te geven aan dat domein, ontstaan er verschillen, of beter, ontstaat de perceptie dat er verschillen zijn. En als er verschillen zijn, is er ook jij en ik, onderscheiden van elkaar. Eenieder geraakt steeds meer overtuigd van het eigen gelijk, van de eigen, enige en dus hoogste waarheid. En we polariseren... En we komen tegenover elkaar te staan...

Dat is de realiteit van elke dag, waarbij we uit het oog verliezen dat we allen mensen zijn, die, vanuit verschillende achtergronden, zowel op het niveau van de traditie als op het niveau van het individu, bezig zijn met 'zoeken'. Dat we daarbij gebruik maken van verschillende voertuigen, dat ieder slechts zijn eigen, individuele pad kan bewandelen, maakt eigenlijk niet uit. De dimensie voorbij het pad is echter wezenlijk dezelfde. Een dimensie waarmee we slecht  in contact kunnen komen vanuit  een open, liefdevolle, niet-oordelende houding.

En zoals ik reeds zei, Pi heeft dit zeer goed aangevoeld. Intuïtief 'weet' hij dat de verschillen tussen de levensbeschouwingen artificieel zijn, een menselijke constructie. Zijn genie bestaat eruit dat hij zich hiervan op een spontane, natuurlijke wijze bewust is. Hierdoor overstijgt hij de idee van ‘ik en de ander’ en realiseert hij eenheid, verbondenheid.

Wanneer mensen initiatieven opzetten zoals de Translevensbeschouwelijke Oefeningen, dan gebeurt dit vanuit een maatschappelijk en sociaal engagement, zich bewust zijnde van bepaalde breuklijnen die onze samenleving de dag van vandaag tekenen. Maar het heeft ook iets te maken met een voorzichtig, doch welbewust aanvoelen van datgene wat Pi op een zo voortreffelijke wijze realiseert. Men doet dit bovendien vanuit een intrinsieke openheid, zonder dewelke oefeningen als deze bij voorbaat gedoemd zijn te mislukken.

Dat die openheid wel degelijk aanwezig was, mag blijken uit de verrijkende en verhelderende ervaring die deze oefening voor elk van haar deelnemers geweest is. De positieve reacties en de enthousiaste inbreng van de deelnemers logen er niet om. Het is ook ten gronde mijn ervaring geweest, een ervaring die mij sterkt in de overtuiging dat dergelijke initiatieven niet genoeg kunnen worden genomen. We mogen de initiatiefnemers er dankbaar voor zijn.

Tot slot wil ik nog meegeven dat ik, door de gelegenheid die mij werd geboden om deel te nemen, niet enkel rijker ben geworden door de begeesterende bijdragen, maar vooral doordat ik kennis heb mogen maken met een aantal mooie, warme en inspirerende mensen. Ook daar ben ik dankbaar voor.

Frank Van Rompaey

7 april 2013